Welzijnsbeleid

1. Gezondheidsbeleid:
• geen snoep, tussendoortjes met chocolade, frisdrank en energiedrinks in de hele school
• woensdag is het fruit- of groentedag in de hele school
• geen snoep als traktatie voor een verjaardag
• gezond beleg op de boterhammen
• kriebelteam: voeren controles uit ter preventie van luizen

2. Drink- en plasbeleid:

Motivering:
Een toenemend aantal kinderen kampt met plasproblemen. Daarnaast zijn er in elke klas kinderen die te weinig (water) drinken.
Goede drinkgewoonten zijn essentieel voor een goede gezondheid. Ook de mentale prestatie heeft baat bij een evenwichtige vochtbalans. Voldoende en veelvuldige vochtopname is de sleutel tot een optimale leercapaciteit. Leerlingen kunnen zich beter concentreren en zijn niet afgeleid door effecten van dehydratie zoals vermoeidheid en irritatie. Dehydratie vermindert de mentale prestatie met 10%, terwijl het drinken van 4 tot 5 glazen water per dag leerlingen mentaal en fysiek in topvorm houdt.
In het kader van milieubewustzijn vragen wij dat de leerlingen drank meebrengen in een drinkbus en verkopen wij in de refter alleen drank in glazen flesjes.
En wie voldoende drinkt, moet ook … geregeld plassen. Om plasproblemen te vermijden, moet dit in optimale omstandigheden kunnen gebeuren.
Goede drink- en plasgewoonten vormen daarom een belangrijk onderdeel van het gezondheidsbeleid op onze school.
De afspraken worden opgenomen in het schoolreglement.
Afspraken:
• Drinkmomenten op school: voor- en naschoolse opvang, speeltijden, middagpauze en tijdens de les.
• Leerlingen brengen voor de speeltijden drank mee in een drinkbus.
• De leerkrachten controleren indien nodig of de kinderen voldoende drinken.
• Drinken tijdens de lessen mag, bijvoorbeeld tijdens wissel tussen 2 lessen.
• Leerlingen kunnen drinken aan de waterfonteintjes op de lagere school.
• Drinkbussen die leeg zijn worden bijgevuld aan de waterkraan.
• Leerlingen mogen water drinken tijdens of na fysieke inspanningen: les lichamelijke opvoeding, sport en spel.
• Tijdens de middagpauze hebben de leerlingen keuze uit volgende mogelijkheden:
 Bij warme maaltijd krijgen de leerlingen een beker water
 Leerlingen brengen zelf een drinkbus mee
 Leerlingen kopen een drankje aan in de refter. Keuze uit: melk, plat water of bruis water € 0,50 per drankje.
• Op warme dagen stimuleren we de leerlingen om meer water te drinken.
• Voor leerkrachten is er gratis water beschikbaar in het leraarslokaal.
• De toiletten zijn recent vernieuwd: gescheiden voor jongens en meisjes, voldoende toiletten en wastafels voor alle leerlingen. Er is kans tot het wassen van de handen.
• De toiletten worden goed onderhouden. De leerlingen zijn ook verantwoordelijk voor de netheid van het sanitair (afspraken opgemaakt in leerlingenraad).
• In de kleuterschool gaan de kinderen op regelmatige tijdstippen naar toilet. De toiletten zijn in de nabijheid van de klassen.
• In het eerste leerjaar krijgen de leerlingen de kans om meteen na het belsignaal naar het toilet te gaan.
• Leerlingen mogen indien nodig tijdens de les naar het toilet.
• De leerkrachten kennen de kinderen met noden op gebied van water drinken en plassen.

2 Pestbeleid:

In het opvoedingsproject stelt onze school zich als doel bijzondere aandacht te schenken aan het welbevinden op school. Vandaar dat wij als schoolteam hebben besloten om te werken aan een pestvrije school. De bekommernis geldt niet alleen voor kinderen met leerproblemen, maar geldt ook voor verschillende domeinen: op sportief vlak, in de motorische ontwikkeling, op socio-emotioneel gebied... zowel de pester als het slachtoffer verdienen onze aandacht. Wij dulden op De Kriekelaar geen pestgedrag!

Wat is plagen en wat is pesten?
PLAGEN:
is onschuldig en ongepland, is maar tijdelijk, gebeurt tussen gelijken, is te verdragen, is vaak één tegen één, doet iedereen wel eens, een wisselend slachtoffer, is vlug vergeten...
PESTEN: is doelbewust en gepland, is systematisch en langdurig, met duidelijk machtsverschil, gebeurt met doel te kwetsen, is vaak een groep tegen één, gebeurt vaak door dezelfden, vaak hetzelfde slachtoffer, een moeilijk herstel...

Pesten is dus berekend iemand pijn willen doen, iets vernielen of iemand laten merken dat hij waardeloos is. En dat gebeurt telkens opnieuw! De pestkoppen zijn meestal dezelfden, de slachtoffers ook...
Ruzie maken mag, hoe raar dit ook klinkt. Het helpt kinderen om sociale vaardigheden te ontwikkelen. Hoe ga je om met agressie, hoe onderhandel je, wanneer ga je te ver?
Terwijl ze ruzie maken, zoeken ze immers hun positie in de samenleving en geven ze zin aan hun leven. Kinderen worden alleen maar sterker als ze het zelf kunnen oplossen. Er moet dus een zone blijven waarbinnen ze kunnen plagen en ruzie maken.

Waarom geloven wij in een concreet uitgewerkt pestactieplan?
Kinderen durven vaak niet de stap te zetten naar volwassenen om te zeggen dat ze gepest worden.
Veel voorkomende drempels zijn: ze schamen zich voor wat ze overkomt, ze zijn bang dat ze niet geloofd zullen worden, ze vrezen nog ergere pesterijen uit wraak, ze denken dat ze zelf de schuld krijgen, ze kunnen moeilijk inschatten welke handelingen of uitspraken accepteerbaar zijn.
Bij vermoeden van pesten verhogen wij als opvoeders onze aandacht, nog beter te observeren. Vaak wordt niet alles verteld.
Dan rijst de vraag hoe we het best tot een oplossing komen. Duidelijke afspraken op de school zijn nodig. Een uniforme aanpak geeft de beste resultaten.

Onze aanpak op school als leerkracht:
Elke leerkracht heeft met de kinderen in het begin van het schooljaar een kringgesprek over pestgedrag. Ze bespreken samen wat pesten is. De meester of de juf laat duidelijk voelen dat zo'n gedrag op onze school niet thuishoort en dat hij of zij niet zal nalaten maatregelen te nemen.
In dit gesprek maken we de kinderen duidelijk dat ze met hun problemen altijd bij een leerkracht of de directeur terecht kunnen. Hulp vragen aan een leerkracht is niet hetzelfde als klikken.
Twee keer per jaar zal er bij de kinderen een screening omtrent welbevinden en betrokkenheid worden afgenomen. Deze lijst mogen kinderen dan persoonlijk invullen.Leerkrachten kunnen op deze manier hulpvragen omtrent pesten achterhalen.
Alle kinderen zijn verantwoordelijk voor de sfeer van de groep. Dus iedereen draagt mee de verantwoordelijkheid om een pestprobleem aan te kaarten. Kinderen die dit liever anoniem doen, kunnen dit.
Bij melding van pestgedrag proberen we eerst om dader en slachtoffer de kans te geven om af te koelen met een "time-out".
Op het moment dat beide partijen er aan toe zijn, gaat de leerkracht een verhelderinggesprek aan en probeert nieuwe afspraken te maken. En wat met de klasgroep? De kinderen krijgen dus een kans om zonder straf terug een positieve relatie op te bouwen. Voor kinderen vanaf het 5de leerjaar kan ook de no blame-methode uitgeprobeerd worden.
Bij herhaaldelijke ruzie/pestgedrag kan de leerkracht maatregelen nemen.
Bij herhaaldelijk en extreem pestgedrag worden altijd de directeur en collega's op de hoogte gebracht. Via een nota in de agenda worden de ouders uitgenodigd voor een gesprek.
Na de straf voor pestgedrag gaan we nog eens een kort gesprek aan met de dader en gaan na of hij zich bewust is van zijn daden. Hij wordt verplicht zijn excuses aan te bieden aan de gepeste leerling. Dit kan ook via een excuusbrief die hij aan de leerkracht en de gepeste laat lezen. We maken de pester ook duidelijk dat een verandering in zijn gedrag ook opgemerkt zal worden en eventueel beloond met een schouderklopje of een aanmoedigend woordje, tenminste als hij zich aan de regels houdt. Indien we vinden dat de gepeste ook sociaal weerbaarder moet worden, dient ook met hem of haar een gesprek aangegaan te worden. In moeilijk oplosbare situaties kan zowel voor dader als voor slachtoffer externe hulp ingeroepen worden (CLB) voor een sociale vaardigheidstraining.

Adviezen aan ouders van onze school:
School en gezin halen voordeel uit een goede samenwerking en communicatie.Toch moet iedere partij waken over haar eigen grenzen. Het kan nooit de bedoeling zijn dat ouders op school (en ook niet aan de poort of op weg naar school of thuis) eigenhandig het probleem willen oplossen. Er moet overleg zijn met de leerkracht en/of directeur.
Voor een pestgedrag op school blijft de inbreng van de ouders bij voorkeur beperkt tot het aanreiken van informatie en tot het ondersteunen van de aanpak van de school. Neem altijd EERSTcontact op met de school alvorens andere stappen te ondernemen. De emotionele betrokkenheid bij uw kind kan soms te groot zijn om een juist inzicht te krijgen.
Ouders maken thuis tijd om met hun kinderen over het probleem te praten en laten het kind duidelijk aanvoelen dat ze achter de aanpak van de school staan. Geloof samen met uw kind dat er gewerkt wordt aan het probleem.
Indien u erachter komt dat uw kind zijn probleem niet durft melden op de school, vragen wij u om uw kind in eerste instantie toch te stimuleren om naar de leerkracht toe te stappen. Pas als dit niet lukt, neemt u zelf contact op met de school.
Als pesten niet op school gebeurt, maar op straat of in een hobbyclub, probeert u contact op te nemen met de ouders van de andre partij om het probleem bespreekbaar te maken. Een school mag immers niet voor conflicten buiten haar eigen muren verantwoordelijk gesteld worden. Toch kan het geen kwaad om ook hiervan de school op de hoogte te brengen. Vaak breiden broeihaarden zich uit naar andere locaties.
Ouders geven zelf het goede voorbeeld hoe een conflicht kan opgelost worden.
Moedig uw kind aan om voor zichzelf op te komen, maar ook voor anderen. Het melden van pestgedrag is niet gelijk aan klikken. Stimuleer je kind niet om het recht in eigen handen te nemen en zeker niet op een gewelddadige manier. Je kan bijvoorbeeld de stapjes die wij in het verhelderinggesprek hanteren samen overlopen.
Geloof niet steeds alles wat uw kind zegt, maar tracht door gerichte vraagstelling een mening te vormen vooraleer u uw oordeel uitspreekt over uw zoon of dochter of andere leerlingen.
Indien uw kind op school reeds bestraft werd voor zijn daden, is het niet nodig om thuis nog een extra straf op te leggen. Wijs wel in een gesprek op de gevolgen van zijn pestgedag en laat duidelijk uw afkeuring blijken. Reageer ook positief op elke gedragsverbetering, hoe bescheiden ook.

3. Verkeersveiligheid:
De verkeersopvoeding van het kind begint bij de ouders. Zij zijn het die de eerste begrippen van veilig verkeer moeten bijbrengen: zich als voetganger of fietser leren gedragen, zich aan het drukke straatbeeld aanpassen en oog hebben voor gevaarlijke toestanden. Begrijpende ouders parkeren niet aan de schoolingang. De ingangen van de school worden steeds vrij gehouden. Parkeren of stilstaan op de voetpaden, zebrapaden en voor de parking van de school is verboden.
Wij vragen dat alle kinderen fluo dragen van november tot april (fluo hesje en/of fluo rugzakhoes).

Nuttige tips:
• neem steeds de veiligste weg van en naar school
• ALLE kinderen (voetgangers en fietsers die over de Tervuursesteenweg moeten, gaan mee met de rij
• de leraren begeleiden de rij, hun verantwoordelijkheid stopt op het eindpunt van de rij
• fietsers: controleer of je fiets in orde is
• respecteer de verkeersregels
• kinderen wachten binnen de schoolpoort op hun ouders, kleuters worden afgehaald in de kleutergang

4. Brandveiligheid:
De school volgt de aanbevelingen van de brandweer strikt op. Een scenario voor evacuatie bij brand is uitgeschreven en wordt minstens één keer per schooljaar ingeoefend.

5. Medicatie
Wanneer een leerling ziek wordt op school, dan zal de school niet op eigen initiatief medicatie toedienen. Wel zullen de ouders of een andere opgegeven contactpersoon gewaarschuwd worden en zal hen gevraagd worden de leerling op te halen. Wanneer dit niet mogelijk is, zal de school een arts om hulp verzoeken. In uitzonderlijke gevallen kan de ouder aan de school vragen om medicatie toe te dienen aan hun kind. Deze vraag moet bevestigd worden door een schriftelijk attest van de dokter dat de juiste dosering en toedieningswijze bevat. Andere verpleegkundige handelingen of medische behandelingen, andere dan via orale (via de mond) of percutane (via de huid) weg, via oogindruppeling of oorindruppeling, mogen niet worden gesteld door ongekwalificeerd schoolpersoneel. Samen met de ouders zoeken we naar een samenwerking met verpleegkundigen, zoals de diensten van het Wit-Gele Kruis.

Stappenplan bij ongeval of ziekte

Eerste hulp
• Wie: alle leraren
• Nijverheidshelpers: Cindy Va de Wouwer en An Deprins
• De directeur verwittigt de ouders dat zij hun kind kunnen komen afhalen

Verzekeringspapieren
• Contactpersoon: directeur of administratieve medewerker
• Procedure: documenten laten invullen door de behandelende arts en terug bezorgen aan de school.
• De schoolverzekering dekt het verschil tussen de reële kosten van lichamelijke letsels en de terugbetaling door de mutualiteit
• Materiële schade wordt in principe door de verzekering niet gedekt. Een familiale polis kan hier helpen

Volksgezondheid
Wanneer een kind lijdt aan een besmettelijke ziekte (ook hoofdluizen), waarschuwen de ouders zo vlug mogelijk de school zodat de nodige maatregelen genomen kunnen worden in overleg met het CLB.

6. Rookverbod
Er geldt een algemeen rookverbod voor iedereen op school.